Ruimtelijk verzet: Een korte geschiedenis van protesten op de Dam

15.12.25 Noortje Weenink

Op 30 oktober 2025 nodigde Arcam Nick Newman (auteur en architect; medeoprichter van Studio Bark en U-Build) en Noortje Weenink (curator IABR) uit om een workshop te geven over (ruimtelijk) ontwerp voor protesten. Noortje doet verslag van haar vondsten.

 

 

Met een groep van ongeveer tien deelnemers startten we op de Dam, met een korte introductie over de protestgeschiedenis van deze plek. Tijdens mijn korte zoektocht in het online stadsarchief van Amsterdam vond ik een schat aan tekeningen en foto’s.

De eerste die ik kon vinden was de Wederdopersoproer, die al in het jaar 1535 plaatsvond. In de katholieke stad Amsterdam protesteerden de Wederdopers tegen bepaalde uitingen van het katholieke geloof. Ze geloofden bijvoorbeeld dat de doop een ‘belijdenis’ was die men pas op volwassen leeftijd mocht afleggen. Amsterdam werd vanaf het vroege voorjaar van 1534 opgeschrikt door naakte burgers in en rond de Spuistraat – de wederdopers geloofden namelijk dat kleding ‘aards slijk’ was. Op 10 mei 1535 bezetten veertig van hen het stadhuis van Amsterdam (tegenwoordig bekend als het Koninklijk Paleis Amsterdam).

Bijzonder goed gedocumenteerd is de ‘Pachtersoproer’ (pachtersopstand) of ‘Boerenopstand’ uit 1748. In heel Nederland waren pachters het beu dat de regenten van hun stad commerciële belastingen hieven. Deze regenten hieven belastingen namens de Republiek der Nederlanden, maar dwongen hun pachters om meer te betalen dan nodig was. Kortom, ze werden rijk door te liegen over hoeveel hun pachters moesten betalen. Maar hun pachters, vaak boeren, waren het zat en begonnen hun huizen te plunderen. De opstanden begonnen in Groningen en op 24 juni 1748 bereikten de protesten Amsterdam. 36 huizen werden geplunderd; twee mensen werden opgehangen.

In de 20e eeuw zien we verschillende vormen van bezettingen naar de Dam, waarbij veel van de thema’s vandaag de dag nog steeds (of opnieuw) relevant zijn: protesten tegen de verlenging van de dienstplicht (recentelijk een onderwerp van discussie binnen de Nederlandse politiek), anti-oorlogs- en anti-kernwapen protesten in de jaren 1960 tot ’80 (de antikern-wapen protesten waren de grootste protesten ooit in Nederland; de recente Rode Lijn-protesten tegen de genocide in Gaza komen op de tweede plaats), en protestmarsen voor vrouwenrechten (de actiegroep Dolle Mina’s, opgericht in 1970, is 55 jaar later nieuw leven ingeblazen door een nieuwe generatie).

 

Na de verkiezingsresultaten van 29 oktober – de dag voorafgaand aan de workshop – voelde dit jongerenprotest uit 1988 bijzonder relevant: “Jongeren in verzet tegen dit klerekabinet”.

Eén van mijn persoonlijke favorieten zijn de Stop de Kindermoord-protesten, een beweging die erin slaagde om stedenbouwkundige strategieën in het hele land aan te laten passen: ze werden fiets-, en dus kindvriendelijker. De actiegroep gebruikte tactieken als kunstzinnige installaties, bewegende straatblokkades (d.w.z. het vormen van een bewegende cirkel op straat), het veranderen van het ‘gebruikersscript’ van de stad door massale fietsprotesten te houden op autowegen, en door het heft in eigen handen te nemen door fietspaden op autowegen te schilderen.

 

In de afgelopen 25 jaar is de diversiteit aan ruimtelijke tactieken blijven bestaan en verschijnen er verwijzingen naar eerdere protesten. Voorbeelden zijn kostuums tijdens LGBT+-demonstraties voor het ‘Recht op Leven’ om visuele (en fysieke) ruimte op te eisen, het beklimmen van het Nationaal Monument voor zichtbaarheid, en zogenaamde ‘die-ins’ om zowel het einde der tijden te symboliseren als een weg of plein te blokkeren.

De voorbeelden illustreren het belang van stedenbouwkunde voor het faciliteren of belemmeren van protesten (zo vormde de ruimte tussen het Koninklijk Paleis en de Nieuwe Kerk een bottleneck voor 40.000 mensen tijdens de Klimaatmars van 2019). Bovendien helpt kennis van het gebruik en de symboliek van de protestlocatie om impactvolle demonstraties te organiseren.

Recentere acties die de aandacht van het medialandschap trokken, vormden een goede overgang naar het ontwerpgedeelte van de workshop: Palestine Action gooide verf op het Koninklijk Paleis om aandacht te vragen voor de aanhoudende genocide in Gaza tijdens de herdenkingsdag voor de massamoorden van 7 oktober in Israël – wat naar verluidt 1 miljoen euro kostte om schoon te maken en nog steeds gedeeltelijk zichtbaar is. Dit riep de vraag op: wat beschouwen we als geweldloze directe actie (NVDA)? En hoe ontwerpen we ervoor (of ertegen)?

Terug op de Amsterdamse Academie voor Bouwkunst bespraken we deze vragen. Is het disruptief als een voetganger of fietser door rood gaat? Maakt het een verschil als een auto dat doet? Zie je het bekladden of vernielen van de ramen van het kantoor van een oliemaatschappij als geweld? En wat als het om een nationaal monument gaat? Door de deelnemers voor elke vraag ‘voor het blok’ te zetten, namelijk voor een spectrum van ‘helemaal niet disruptief’ tot ‘zeer disruptief’, kregen we een anekdotisch inzicht in de mate van disruptie en geweld die de deelnemers hypothetisch bereid waren te veroorzaken.

 

Op basis van de twaalf categorieën uit Newmans boek Protest Architecture: Structures of Civil Resistance (RIBA Publishing, 2024) ontwierpen de deelnemers in groepjes een protest voor een specifieke ‘opdrachtgever’ of organisatie. Elke groep koos een van de volgende locaties op de Dam: het Nationaal Monument, het plein zelf of de omliggende gevels.

In informele setting bespraken we de resultaten. Een spanconstructie voor de Anti War Movement bovenop het Nationaal Monument brengt de herinnering van de Tweede Wereldoorlog op spanning met de huidige geopolitieke situatie. Eronder ontstaat een slaapruimte – een verwijzing naar de Damslapers uit de jaren zeventig. Het voorstel was uitgewerkt tot detailniveau (schaal 1:5) en bevatte een beschermende voorziening om schade aan het monument te voorkomen.

 

Een andere groep stelde voor om het Paleis op de Dam met doeken te bedekken om de Nederlandse wooncrisis te adresseren. Ze plaatsten een projector bovenop het Nationaal Monument, die ‘het leven achter de façade’ projecteerde, om te illustreren hoe het paleis tot woongebouw omgevormd kan worden. Ook leent het enorme paleisdak zich uitstekend voor stadsverdichting, met een opbouw om meer woningen te creëren.

 

Een van de voorstellen focuste niet op een thema, maar keerde het gebruikelijke ruimtelijke script van de Dam én dat van protesten in het algemeen om. Normaal gesproken verzamelt tijdens protesten een grote massa mensen zich in het midden van een plein. Wat gebeurt er als mensen aan de randen van het plein gaan staan en richting het midden kijken? Hoe ongemakkelijk zou je je voelen als je het plein oversteekt? Zouden de elementen van verrassing en ongemak de impact vergroten? In theorie kan een mensenketen vele woonblokken omsingelen en zo met weinig mensen een heel gebied bezetten. Een bijkomend idee dat tijdens de informele presentaties naar voren kwam: wat als iedereen een rugzak met een plant draagt en zich na een tijdje omdraait? Deze draagbare tuinen zouden onmiddellijk de stad groener maken.

Nick Newman sloot de avond af met een actuele lezing over zijn boek Protest Architecture, waarin hij het belang en de verschillende rollen van ruimtelijk ontwerp bij geweldloze directe actie (NVDA) benadrukte. Bij recente blokkades van de haven van Rotterdam, georganiseerd door Geef Tegengas, werden de opblaasbare Cobblestones-barricades hergebruikt, ontworpen door Tools for Action in 2012. Deze ‘kinderkopjes’ zijn licht van gewicht en eenvoudig te gebruiken, en daarmee ideaal voor protesten. Ze verwijzen naar de beroemde barricades van de Franse Revolutie van 1848 – tevens de eerste barricades van een opstand die op camera werden vastgelegd. Tijdens de Revolutie haalden demonstranten de kinderkopjes uit de straten en werden ze op de geïmproviseerde barricades gelegd waarmee ze de smalle steegjes van Parijs blokkeerden. De renovatie van Parijs door Hausmann staat niet alleen bekend als een plan om de stad te moderniseren, maar ook om te voorkomen dat er opnieuw burgerlijke onrust zou uitbreken door de straten (bijna) onmogelijk te blokkeren.

Dat de Cobblestones tijdens de Geef Tegengas-actie kapot zijn gestoken door de politie toont aan dat we de kennis en vaardigheden van architecten, stedenbouwkundigen en andere ontwerpers nodig hebben om creatieve en toekomstbestendige ontwerpen te maken voor protesten. Doe je mee?

Website by HOAX Amsterdam