De Augustanahof

Ponec De Winter, 2017

De in Bos en Lommer gelegen Augustanakerk verrijst in de wederopbouwperiode na de Tweede Wereldoorlog. Veel van deze kerkgebouwen worden tegenwoordig met de sloop bedreigd. Het originele ontwerp van de Amsterdamse architect Ferdinand Jantzen (1895-1987) wordt in 1957 in gebruik genomen door de Amsterdamse Lutherse Diaconie. Met de keuze voor een transparante entree breekt Jantzen met vooroorlogse kerkgebouwen. Het geheel vormt een bescheiden complex bestaande uit een kerkzaal, een zondagsschool en kosterswoningen. Met de jaren ziet de gemeenschap het aantal kerkgangers teruglopen. Hiermee verliest de Augustanakerk haar oorspronkelijke functie; een herbestemmingsplan volgt.

Van kerk naar woonhof
Met de opkomst van de participatiesamenleving ontstaat bij de Amsterdamse Lutherse Diaconie de wens om de bestaande verzameling aan woonhofjes uit te breiden. Het streven is om jong en oud te laten samenleven in een geborgen omgeving met een menselijke schaal. In een intensief ontwerptraject met Ponec de Winter Architecten wordt een concept ontwikkeld voor een woonhof waar er naar elkaar wordt omgekeken. Zodoende wordt de Augustanakerk getransformeerd tot Augustanahof: een gemeenschap met 14 sociale huurwoningen en twee vrije sector huurwoningen. Daarnaast heeft één woning een gasthuisfunctie gekregen om hulpbehoevenden een tijdelijke woonoplossing te kunnen bieden. Met een jongste bewoner van 24 en een oudste bewoner van 94 kan je zeggen dat de wens tot menging van leeftijd is vervuld!

Een verkleuring
Onder het motto ‘onderzoek alles en bewaar het goede’ wordt de transformatie van kerk naar woonhof ingezet. Zo blijft de originele structuur van de kerk behouden. De woningen zijn binnen de bestaande muren ingepast en waar er grote ruimtes en gangen vrij waren, is plaats gemaakt voor collectieve doeleinden als ontmoetingsruimtes en een grote keuken. Op de voormalige plek van het altaar is een openbare kapel voor bezinning gecreëerd. Alle aanpassingen die nodig waren voor de transformatie zijn in de stijl van Jantzen gedaan. De decoratie van het exterieur en interieur zijn hersteld en gerestaureerd en om de constructie meer licht en ruimtelijkheid te geven, zijn op een bescheiden manier grote openingen in de gevels gemaakt. De architecten spreken dan ook van een verkleuring in plaats van een transformatie.