Sint-Josephkerk

Gerard Holt, Karel Tholens, 1950

In de Amsterdamse wijk Bos en Lommer staat de Rooms-Katholieke Sint-Josephkerk. Het is het eerste betonnen kerkgebouw binnen het Amsterdamse Algemeen Uitbreidingsplan (AUP) uit 1934 dat na de Tweede Wereldoorlog werd uitgevoerd. Het gebouw is tussen 1941 en 1943 ontworpen door G.H.M. Holt en K.P. Tholens, en functioneerde van 1952 tot 1990 als gebedshuis.

Candy Castle
Na 1990 raakt de kerk in onbruik  vanwege teruglopende kerkbezoeken en in 1996 wordt het brute betonnen bouwwerk  omgedoopt tot klimhal met de naam ‘Tussen Hemel en Aarde’.  Deze nieuwe bestemming verlaat het gebouw in 2012. Na een korte periode van leegstand wordt het kerkgebouw gekraakt door uitgeprocedeerde asielzoekers. De kerk krijgt dan landelijke bekendheid onder de naam ‘de Vluchtkerk’. De kerk is momenteel een goed voorbeeld van duurzame herbestemming. Na een renovatie in 2016 is het Rijksmonument een speelparadijs voor kinderen geworden met de naam ‘Candy Castle’. 

 

Gewapend beton als volwaardig materiaal
Voor het ontwerp laat Holt zich inspireren door kerkelijke werken van de Franse gebroeders Auguste en Gustave Perret en Le Corbusier, specialisten op het gebied van bouwconstructies in gewapend beton, waarbij het materiaal volwaardig werd ingezet, zowel in het interieur als het exterieur. Het kerkgebouw is vernieuwend als het gaat om vorm en materiaal omdat het beslist geen klassieke katholieke bouwstijl heeft. Alleen aan de klokkentoren kun je aflezen dat het een kerkgebouw is. De vorm van het gebouw kenmerkt zicht door rechte verticale en horizontale lijnen, rechthoeken en een opvallende achthoekige doopkapel aan de linkerzijde van de ingang. Daarnaast heeft de kerk ook mooie details zoals de glas-in-loodramen, de karakteristieke betonconstructie en de plafondschildering van beeldend kunstenaar Marius de Leeuw.

 

Rijksmonument van de Wederopbouwperiode
De Sint-Josephkerk is een goed voorbeeld van de vernieuwing van de kerkelijke architectuur die begin jaren vijftig van de twintigste eeuw zijn intrede doet. De kerk heeft een hoge architectuurhistorische waarde vanwege het brutalistische en grensverleggende ontwerp als tegenreactie op het modernisme. Daarnaast heeft het gebouw ook een zekere stedenbouwkundige waarde vanwege het feit dat de kerk onderdeel was van een bijzonder katholiek tussengebied van scholen, kloosters en woningen in Bos en Lommer. Ten slotte heeft de kerk ook kunsthistorische waarde door de aanwezigheid van verschillende kunstwerken. In 2010 wordt het bouwwerk bekroond als officieel Rijksmonument van de wederopbouwperiode.