Openingsspeech Een Optimistisch Rampenplan

18.12.25 Indira van 't Klooster

De openingsspeech van Indira van ’t Klooster markeerde de start van de tentoonstelling Een Optimistisch Rampenplan op 28 november bij Arcam. Lees haar reflecties over ontwerp, circulaire economie en de verbeeldingskracht die nodig is voor een veilige, toekomstbestendige stad.

Bekijk ook de spoken word-voordracht van performer Zeinab El Bouni tijdens de opening.

Alles kan kantelen.
Alles kan beginnen.
En misschien…
misschien draagt de wind ons nu al
naar een toekomst die wij nog niet kennen,
maar allang in ons leeft

Openingsspeech
28 november 2025

In het Wapen van Amsterdam staan drie kruizen. Een van de verklaringen voor die kruizen is dat ze de drie rampen representeren die de stad hebben geteisterd: overstromingen, stadsbranden en de pest. Historisch bewijs voor deze theorie is er niet, maar rampen waren er zeker:

 

Water: de Sint Elisabethsvloed van 19 november 1421, maar ook eerder en later werd Amsterdam bedreigd door het water. Meest recent nog in september 2023 en november 2024.

 

Vuur: Bij de brand van 1421 ging een derde van de stad verloren. Ook recent waren grote branden in het nieuws: eerder dit jaar waren er diverse brandjes in het Westelijk Havengebied. Ook in oktober dit jaar: de grote brand in een flatgebouw in de Harry Koningsbergerstraat.

 

Ziekte: De pestepidemie tussen 1664 en 1668 kostte aan 10% van de stad het leven. Ook epidemieën zijn van alle tijden. In Nederland stierven tot 2023 circa 50.000 mensen aan corona, zegt het CBS. In 2022 waren dat 5868 Amsterdammers.

 

Kortom: rampen zijn er altijd geweest en ook Amsterdam wordt daardoor getroffen.

 

Des te vreemder is dat het zo ingewikkeld is om te achterhalen welke gevaren ons precies bedreigen, waar en wanneer, en wat ertegen wordt gedaan.

Anderhalf jaar geleden kwam programmamaker Daphne Bouman op het briljante idee om hedendaagse rampscenario’s voor Amsterdam te verzamelen. Sindsdien hebben drie soorten rampscenario’s kunnen onderscheiden:

 

  1. Ramen en deuren sluiten, radio aan: dan heeft de ramp zich duidelijk al voltrokken. In Nederland loopt nu een campagne om de samenleving weerbaarder te maken. We schaffen noodradio’s aan, zorgen voor cash en water.

 

De landelijke campagne die deze week is gestart, richt zich op noodpakketten en maar zou het niet veel logischer zijn als we onze energie óók zouden richten op het versterken van lokale netwerken? Dat je je buren kent? Dat je eigen energie opwekt? Zelf je voedsel kunt produceren? Niet voor altijd, maar als noodscenario?

 

  1. Ontwerpers doen prachtige onderzoeken naar mogelijke toekomsten, maar het is nog niet zo eenvoudig om daar concrete daden en stappen aan te verbinden. MUST presenteerde drie scenario’s voor het Noordzeekanaalgebied. Na een gedegen en zeer uitgebreid onderzoek kwamen zij tot drie scenario’s om verder mee te gaan:

 

  • Alles te laten zoals het is en miljarden blijven investeren in een watermanagementsysteem dat steeds duurder wordt en steeds moeilijk te handhaven. Klinkt niet echt aantrekkelijk, maar dat is wel wat we momenteel aan het doen zijn.
  • De zee weer toe te laten en van de regio Amsterdam een zoutwater getijdegebied te maken. Spannend, sensationeel, en mogelijk de goedkoopste oplossing, maar ook een met de meest onvoorspelbare losse eindjes.
  • De duinen te dichten, de haven naar buitengaats te verplaatsen en een zoetwatergebied te gaan inrichten. Een heel aantrekkelijk idee, want zoet water wordt steeds schaarser en het ontzilten van binnenwater steeds ingewikkelder. Ondertussen zou de haven dan buitengaats kunnen voortbestaan, verder weg van stedelijke woongebieden. Maar waar te beginnen?

 

Toen we deze scenario’s testten tijdens het NZKG-congres eerder deze maand, met 120 bestuurders, bleek – wat we natuurlijk al wisten – dat onze huidige financierings- en bestuursmodellen niet zijn ingericht op systemische koerswijziging en zich slecht lenen voor het borgen van keuzes op de langere termijn.

 

  1. Preventieve plannen voor stroomstoringen, overstromingen, menselijk falen, terroristische aanvallen – elk bedrijf in het Westelijk Havengebied heeft hier verplicht strategieën voor ontwikkeld – maar ze zijn geheim, soms bedrijfsgeheim, soms tactisch geheim om mensen niet op ideeën te brengen.

 

We zijn dus zelf maar op onderzoek uitgegaan. Tijdens excursies met geïnteresseerde Amsterdammers naar de zeesluizen en de havens; tijdens workshops hier bij Arcam, door te graven en te zeuren. Maar eigenlijk weten we dus nog niks, en moeten we er maar op vertrouwen dat alles goed komt en dat aan alles is gedacht. Hun reacties zijn als soundbites opgenomen door Jesper Buursink van Stratenmakers Audiocollectief en onderdeel van de tentoonstelling. Tegelijkertijd weten we een ding zeker:

 

Rampenbesef biedt kracht en kansen. Dat hebben we geleerd van filosoof Lisa Doeland. Het op een goede manier erkennen van rampen biedt kansen zonder doemdenken, terwijl de urgentie behouden blijft. Een helder beeld van wat de risico’s zijn en een goede voorbereiding daarop draagt bij aan een veiligere en gezondere leefomgeving.

 

Het vraagt op zeker ook om offers, maar slecht nieuws krijgt geen plaats in de hedendaagse ruimtelijke ordening. Een ontwerp is altijd een verbeelding van iets beters. Een politicus belooft altijd positieve resultaten. Een ambtenaar en een ontwikkelaar zijn als de dood voor procedures. Als inwoner of bedrijf wil je trouwens ook geen slecht nieuws horen. Onzekerheid en twijfel schaadt de nachtrust en de bedrijfsresultaten.

 

Defensie is dan wel weer heel goed in het communiceren van gevaar en risico, maar erg slecht is in het organiseren van een transparant en democratisch proces.

 

We hebben dit jaar drie belangrijke lessen geleerd:

 

  1. Ontwerpkracht is geen toverkracht. Effectief ontwerpen vraagt om het afleren van denken in oplossingen. Het vraagt om diepgaand zelfonderzoek naar hoe een ontwerp(discipline) kan bijdragen aan complexe en levensbedreigende rampen, zoals afnemende biodiversiteit (bijvoorbeeld dor PFAS), ketens van mondiale opoffering en kansenongelijkheid, en erkenning van eigen nietigheid.

 

  1. Beleidskracht vereist daadkracht. De meeste echte oplossingen in de complexe wereldproblematiek vereisen moeilijke keuzes. Het vereist een vertrouwensrelatie die er vaak helemaal niet is, en een nieuwe manier van beleidsparticipatie. Voor beleidsmakers is het (institutioneel/financieel/juridisch) ingewikkeld om gevoelige informatie te delen met een breder publiek. Tegelijkertijd is maatschappelijk draagvlak onmisbaar, zeker als het gaat om ongemakkelijke keuzes.

 

  1. Gemeenschapskracht heeft slagkracht. Een sterke gemeenschap ontstaat door goed geïnformeerde participatie in beslissingen. Hoe dat te bewerkstellingen, is nog een vraag, maar duidelijk is dat het vraagt om een ander soort verbeeldingskracht met een nieuwe gespreksvorm waarin mensen gezamenlijk hun ervaringen interpreteren en delen.

Maar dan moeten we wel eerst gezamenlijk het beest in de bek kijken. Niet geloven in sprookjes, en niet accepteren dat ons sprookjes worden verteld. Pas als je weet wat het gevaar is, kun je een adequate strategie bedenken. En zelfs als je het gevaar niet kunt afwenden, kun je nog steeds wel iets doen.

 

Deze tentoonstelling onderzoekt die vierde route. Een rampscenario dat niet verpakt is,  en waarachter je niet kunt schuilen. Dat vereist heel veel van alle betrokkenen en alle bezoekers. Daarom doen we ook aan nazorg.

 

Het is de allermoeilijkste route. Voor bestuurders en beleidsmakers, die twijfel en onzekerheid in het hart van hun beleid moeten gaan plaatsen. Voor burgers en bedrijven, die niet mogen schuilen achter ontkenning, protest en rechtszaken. Voor ontwerpers die na 150 jaar vooruitgang en geschoold in een modernistisch narratief moeten accepteren dat ze vaker onderdeel van het probleem zijn dan van de oplossing.

 

Maar een goed doordacht rampenplan is geen catastrofe. Het is een vereiste voor een toekomstbestendige, veilige en gezonde stad.

 

Bedrijven dreigen al nu met rechtszaken. Alles wat niet 100% te bewijzen is, wordt bestreden als laster, en veel gezondheids- en veiligheidsrisico’s zijn heel erg moeilijk bewijzen. Denk maar aan voorbeelden uit de sigaretten- en medicijnindustrie.

 

Niet omdat het niet waar is wat we zeggen, maar omdat stagnatie van economische groei en reputatieschade net iets hoger in risicomatrixen staan dan energie-, klimaat- of maatschappelijke rampen. Het valt ook niet mee om trots te zijn op je product of je werk én rekenschap te geven aan het grotere plaatje waarin dat tot stand komt. Uiteindelijk zijn we allemaal slachtoffer en dader binnen een systeem waar we nauwelijks invloed op kunnen uitoefenen.

 

Ook voor bestuurders en politici is dit geen makkelijke expositie. Financiële modellen leunen op groei en gronduitgifte, niet op krimp, op nieuw in plaats van bestaand.

 

En mensen worden boos. Altijd op ‘de ander’, waar trouwens ook altijd de oplossing wordt gezocht. Maar zoals de directeur van het Renewi al zei in een van de vele sessies die we hebben gehad met betrokkenen in het Westelijk Havengebied: ‘Het is niet ons afval dat we hier verbranden. Het is van al die mensen in de stad. Na Koningsdag is de afvalberg oranje. En op 5 mei opnieuw.’

Alvorens we nader in gesprek gaan met alle mensen die deze tentoonstelling hebben mogelijk gemaakt, wil ik met bijzondere nadruk het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie bedanken. Wij realiseren ons dat we met dit project op de pijngrens opereren van wat menselijk behapbaar is. We kunnen met hun steun ontwerpopgaven onderzoeken waarin vooralsnog geen verdienmodel zit, en wat ook persoonlijk veel gevraagd heeft van alle betrokkenen.

 

Aan dit project werken al ruim een jaar heel erg veel mensen mee.

 

  • De masters die zo aan het woord komen, staan ons al een jaar terzijde als medereizigers op onontgonnen terrein.
  • De ontwerpers die we daarna horen, die fundamenteel nieuwe wegen zoeken, vaak met hun hele bureau
  • Een rijke verzameling aan bedrijven, kennisorganisaties, gemeenteambtenaren, kunstenaars, activisten, wetenschappers en ontwerpers die ons steeds hebben gevoed met hun kennis, perspectieven en ervaring
  • Theatergroep Gouden Haas en Cello Octet die mede op basis van al onze bijeenkomsten werkt aan een reeks voorstellingen voor breed publiek in 2026 en verder
  • Arjen de Leeuw die de tentoonstelling op briljante wijze ensceneerde als een theatrale voorstelling
  • Finn van den IJssel van Collective Bloeifilm die een indringende film met de ontwerpers maakte.
  • Het hele Arcam-team dat bij dergelijke producties in full force op alle facetten bijspringt en in het bijzonder Daphne Bouman en Jol Abels.
Spoken Word
Zeinab El Bouni

Arcam vroeg aan schrijver, performer en programmamaker Zeinab El Bouni om tijdens de opening te reflecteren met spoken word op audioverhalen die gedurende het jaar zijn opgehaald door Jesper-JSPa-Buursink van Stratenmakers Audiocollectief en de persoonlijke ervaringen van de ontwerpers.

Website by HOAX Amsterdam