Verveling

#14

13.10.20 Indira van 't Klooster 8 minuten lezen

Als de afgelopen maanden iets duidelijk hebben gemaakt, is het wel hoe snel onze vaste waarden en ideeën achterhaald kunnen raken. Dat geldt ook voor architectonische begrippen. Arcam is begonnen met een inventarisatie daarvan en beschouwing daarop. 

Het aantal Covid-19 besmettingen stijgt en nieuwe maatregels zijn aangekondigd. Geen woordkunstenaar kan nog verbloemen dat een nieuwe lockdown zich heeft aangediend. Nu we de ‘intelligente’ lockdown al achter ons hebben, zal de huidige niet anders dan geniaal zijn, maar ondertussen is verveling een sub-pandemie. Architecten kunnen dan tot voorbeeld dienen. Die kunnen zich namelijk niet vervelen. Architectonisch herijken #14 – Verveling.

Verveling en architectuur horen bij elkaar. Omdat de gebouwde omgeving zich nog al eens manifesteert in eindeloze herhaling of doorstempeling, het mis-/gebruik van historische stijlen, of de totale voorspelbaarheid dan wel afwezigheid van een architectonisch concept. (Wie precies wil weten welke factoren architectuur saai kunnen maken, leest deze uitvoerige studie van architectuurstudenten in Stockholm uit 2018.)

Omdat ontwerpers er ook allemaal niks aan kunnen doen, aldus Jacques Herzog tegen David Chipperfield in Domus vandaag.

“Dear David, You ask me what we architects should do about the unmistakably impending environmental catastrophe. About social inequality. About poverty. About the degradation of this planet’s resources. About the pandemic, which has placed us in an almost surreal mode that begs description. The answer is nothing.”

Omdat verveling een maatschappelijk verschijnsel (van de 20e en 21e eeuw) is, waar ook diverse architecten uitspraken over hebben gedaanZo probeerde Cedric Price met het The Generator Project een flexibele architectuur te ontwerpen die erop gericht was om  gebruikers te behagen door steeds opnieuw andere condities, ervaringen en acties te bewerkstelligen. Robert Venturi vond niet alleen less een bore, maar onderzocht het fenomeen ook in Complexity and Contradiction in ArchitectureVerveling en postmodernisme zijn sowieso een goede combinatie. Charles Jencks claimde in The Language of Post-Modern Architecture (1977) dat verveling voortkomt uit de combinatie van kapitalisme en modernisme, een uitspraak die overigens in lijn ligt met filosofen zoals Heidegger en Nietzsche.

Maar ontwerpers zijn toch in de kern doeners, die een concept als verveling (bij uitstek gekenmerkt door lethargie, berusting, apathie) al snel omzetten in iets nuttigs. Waar Michel van de Plas/Friedrich Torberg nog twee hondjes wilde zijn, is het eigenlijk voldoende om architect te willen zijn. Zij zijn immers meester in het ombuigen van verveling naar creativiteit. En daar kunnen we veel van leren.

 

* Wees als Andy Goldsworthy. Ga de natuur in. Kijk. Onderga. Herschik. Creëer.

* Wees als de Franse postbode Ferdinand Cheval. Bouw je eigen folly. Houd nooit op met bouwen.

* Wees als Maarten Kloos. Neem een willekeurig boek (bijvoorbeeld Het leven een gebruiksaanwijzing van Georges Perec). Teken de straat waarlangs het appartement staat in op een Parijse plattegrond.

* Wees als Space Encounters. Omarm verveling. Ontwerp er een collectie omheen.

* Wees als Diogo Seixas Lopes. Onderzoek je favoriete architect op zijn verveel-gehalte, zoals in Melancholy and Architecture over Aldo Rossi, en wordt wijzer zonder de ban van melancholie en spleen te verbreken.