Einde van de Wereld

Meyer en Van Schooten Architecten, 2000

Oostelijk Havengebied wordt woongebied
Het Java-eiland is een schiereiland dat onderdeel uitmaakt van het Oostelijk Havengebied in Amsterdam. Het eiland is samen met het KNSM-eiland gebouwd als golfbreker voor de Oostelijke Handelskade en is na uitbreiding gaan fungeren als havengebied. In 1977 concludeert de gemeente dat de havenfunctie van het Oostelijk Havengebied ten einde loopt en het gebied wordt herbestemd tot woongebied. Deze herbestemming gebeurt uiteraard niet van de ene op de andere dag, waardoor in de beginjaren het Oostelijk Havengebied met weinig voorzieningen de plek wordt voor stadspioniers, kunstenaars en krakers.

Krakersverhuizing naar Java-eiland
Een oud havengebouw op de Sumatrakade wordt in de lente van 1984 gekraakt. De meeste krakers hiervan zijn afkomstig uit Wyers: het grootste kraakcomplex van Amsterdam dat vlak daarvoor ontruimd werd. De groep start in het oude havengebouw het restaurant “Einde van de Wereld”. Het restaurant wordt door de afwezigheid van elektriciteit in het begin verlicht met kaarsen. De groep krakers verzet zich tegen de toenmalige plannen van de gemeente om het pand te slopen en te vervangen door moderne huizen. Ten goede van de krakers krijgt de zaak media-aandacht en lijkt het erop dat de krakers kunnen blijven. Uiteindelijk blijkt de bodem vervuild te zijn met stookolie en gaat het gebouw in 1995 toch tegen de vlakte. Het restaurant krijgt geld om het project door te zetten en koopt hiermee de boot Quo Vadis. De boot, gelegen aan de zuidkant van het Java-eiland, huisvest nog steeds restaurant het Einde van de Wereld.

Maisonnettes aan het IJ
Op de plek van het oude havengebouw herrijst eind jaren negentig een appartementenblok met op de begane grond horeca en twee winkelruimtes. Dit gebouw, ontworpen door architectenbureau Meyer en Van Schooten, draagt de naam Einde van de Wereld als verwijzing naar het vroegere krakerscomplex op die locatie. Het gebouw heeft negen verdiepingen waarin 29 maisonnettes zijn onderverdeeld. Op de tweede, vijfde en achtste verdieping loopt een gang naar de woningen. Hierdoor heeft elke woning één verdieping die over de volle diepte van het pand loopt. Elke woning heeft zowel uitzicht op het prachtige IJ als een balkon op het zonnige zuiden met uitzicht op de binnentuin.

Auberginekleurig
De gevel van het gebouw is strak gemetseld in een donkere auberginekleurige steen met op een aantal plaatsen een opening. Het gebouw heeft een plint waarin de ingang van de parkeergarage zit. Boven de plint zitten enkele grotere winkelkozijnen. Hoewel de ramen op de voorgevel verschillende groottes hebben, oogt het geheel strak. Twee verticaal doorlopende raampartijen laten de plek van het trappenhuis en de liftschacht zien. Met een trappetje vanaf straatniveau naar net boven de plint kom je bij een grote onderdoorgang. In deze onderdoorgang zitten de entrees van de woningen en de horecaruimte gevestigd. De muren en het plafond van de onderdoorgang worden geaccentueerd door rode platen.

Tekst: Anna Peschier