NH Schiller

M. J. E. Lippits & N. H. W. Scholte, 1912

Uitgaanscentrum van oudsher

George Schiller koopt in 1892 het café Du Parc aan het Rembrandtplein. Het plein is in die tijd al een beroemd uitgaanscentrum met de cafés van Hotel Mas en Hotel Rembrandt. De familie Schiller besluit vervolgens op de plaats van Du Parc en de inmiddels aangekochte vijf naastgelegen percelen een nieuw hotel-café te laten bouwen: het huidige Schiller. In 2001 is het pand aangewezen als rijksmonument.

Een interessante gevel
De architecten Lippits en Scholte ontwerpen een gebouw met een symmetrische voorgevel die wordt benadrukt door twee (niet identieke) torentjes op de uiteinden van het dak. Hiervan is tegenwoordig alleen de zeskantige basis van het linker torentje overgebleven. De detaillering van het gebouw vertoont een mengvorm van Jugendstil en traditionalisme. In de gevel vallen behalve het gecombineerd gebruik van natuur- en baksteen, vooral het beeldhouwwerk en de sierlijke smeedijzeren elementen op.

In de sfeer van Louis Davids
Bij de renovatie is veel energie gestopt in het bewaren en terugbrengen van het oorspronkelijke interieur. Ook in Brasserie Schiller – het hart van het hotel – zijn veel originele Jugenstil en Art Deco details te zien. In het café-restaurant zijn in de bovenlichten van de ramen glas-in-lood-voorstellingen te bewonderen. De schilderijen van de voormalig eigenaar Frits Schiller dragen bij aan de unieke sfeer van het hotel. In de vroege jaren is het Schiller Hotel een belangrijke ontmoetingsplek voor artiesten en kunstenaars. Ze treden op in het Rembrandttheater en komen vervolgens naar het Schiller om te kijken én om gezien te worden. Tot dit artistieke publiek behoren onder anderen de kunstschilders Jan Sluyters en George Hendrik Breitner, de toneelschrijver Herman Heijermans, de cabaretiers Nap en Fientje de la Mar en Louis Davids.

Lieke Haan