Marc Reniers

Architect in Residence #3 van 2019

01.06.19 Marc Reniers 3 minuten lezen

Als Architect in Residence in de zomermaanden van 2019 wil Marc Reniers van het Amsterdamse architectenbureau M3H onderzoek doen naar de woningplattegrond. Lees hier meer over het hoe en waarom.

Bijna 20 jaar na de Arcam pocketpublicatie ‘Formats for Living’ wil ik weer de thermometer in de Amsterdamse woningbouw steken.
Marc Reniers

“De Amsterdamse woningmarkt draait weer op volle toeren. De prijzen stijgen naar onvoorstelbare niveaus. De ambities voor de komende jaren zijn historisch hoog; tot 2025 jaarlijks 7500 woningen erbij, in een spannende verhouding van 40-40-20, goedkoop, middelduur, duur. Maar de doelstellingen zijn dus vooral kwantitatief. De discussies over woningbouw evenzeer. En als er discussie wordt gevoerd over de (architectonische) kwaliteit van woningbouw gebeurt dit vooral op basis van spectaculaire 3D-visualisaties.” 

“Maar de economische ontwikkelingen, de schaarste aan ruimte in de stad, de veranderende mobiliteitsbehoefte, het groeiende belang van duurzaamheid, samenstelling van de bevolking, veranderende levensstijlen enzovoort, hebben ook een invloed op de wijze waarop we woongebouwen en woningen organiseren. Dit zou je dus moeten kunnen zien aan de plattegronden.  

Bijna 20 jaar na de Arcam pocketpublicatie ‘Formats for Living’ wil ik weer de thermometer in de Amsterdamse woningbouw steken door onderzoek te doen naar de woningplattegrond. Een kwalitatieve analyse van typische plattegronden van de belangrijkste woongebouwen van de afgelopen vijf jaar.” 

Over Marc Reniers

Ir. Marc Reniers (1968), oprichter en architect van M3H, studeerde in 1992 af aan de Technische Universiteit Eindhoven. Naast zijn werk als architect is hij actief in het onderwijs en adviseert hij op het gebied van ruimtelijke kwaliteit. 

“Ontwerpen is voor mij vanuit de nuchtere feiten de sprong maken naar iets nieuws. Eerst zijn er de regels, de data, de randvoorwaarden, en aan het eind van het proces is er de sculpturale vorm. De basis van onze gebouwen is telkens een heel bewust en verstandelijk spel met data. De sprong van de intuïtie zorgt ervoor dat een bijzonder beeld ontstaat, iets wat er nog niet was. In dit samenspel van het verstandelijke en het intuïtieve maak je als ontwerper gebruik van de kracht van een ander. Daarmee veranderen beperkingen in kansen. Dat geldt ook voor het samenspel met anderen betrokkenen, zoals kunstenaars en vaklieden. In plaats van je eigen ideeën door te drijven is het veel interessanter elkaar af te tasten. Dan kom je samen tot een nieuwe richting.”